Week 4
Paul wordt niet beloond (2)
Door: Michiel Kroesbergen

We zien de stand Paul Wijninga – Piet Bouma na 62 wederzijdse zetten:

 

Nu speelt Paul niet de handigste. Het eindspel zal ongetwijfeld remise zijn, maar we zijn nog niet uitgespeeld! Paul speelt 63.7-1(?) en zwart dwingt met 63…5-41 de witte lastpost op 27 opzij. Hierna kan zwart met 26 vrij op pad gaan naar een nieuwe dam en daarmee de remise. Met dam halen op 2 had Paul de partij, en daarmee de kans op winst, nog wat kunnen rekken. Dit lijkt nog steeds allemaal eenvoudig remise, maar wit kan nog op een paar mooie barbatrucjes gaan spelen!
Eerste truc: na 63.7-2 mag niet 63…5-46?? vanwege 64.2-16! W+ Eenvoudig, maar een belangrijk idee. Korenewski schrijft dit idee toe aan Sijbrands wanneer hij het volgende diagram met hetzelfde principe laat zien:


Sijbrands, 2-16! W+.
 

 Voor de hand ligt dat zwart hetzelfde speelt als in de partij na 63.7-1, namelijk 63…5-41 met als doel de witte schijf op 27 te verdrijven. Wit kan deze nu wel gewoon laten staan door 64.2-35 te spelen (64…41-36? 65.29-24! W+). 64…41-28 65.35-13, zie diagram:

 

Dat dit eindspel remise is bewijst bijvoorbeeld de volgende variant: 65…28-41 66.13-22 41-36 67.15-10 26-31 en wit kan niet meer winnen.
Toch moet zwart erg oppassen. We laten de zwarte dam even aanrommelen op de lange lijn en brengen onze tweede truc in stelling. We spelen de witte dam naar veld 4. Dit is een truc waarmee Altsjoel eens een partij won(in die partij stond schijf 29 op veld 25). Een zwartspeler in jolige bui kan er zomaar tussen gaan staan op veld 10. En dan volgt natuurlijk: 27-21! (26x17) 4-22! (17x28) 15x4 W+.
Goed, de zwartspeler ontwijkt deze valkuiltjes en schuift rustig verder heen en weer over de lange lijn. Voor de volgende truc gaat de witte dam naar 22. Nu zijn de velden 46 én 5 dodelijk, vanwege 22-6! De zwarte dam mag dan niet los staan en moet zijn toevlucht zoeken aan de overkant, dus respectievelijk veld 5 of 46, waarna wit de winst binnenhaalt met het mooie 27-22!
Een idee dat Korenewski toeschrijft aan Presman, zie diagram:

Presman, 25-20! 5-46 27-22! W+.

 

Maar zwart gaat dus niet op veld 5 of 46 staan. Hij blijft los staan. Dat betekent dat hij na 22-6 van de lange lijn afmoet. Dat dit geen ramp is blijkt uit de volgende variant: 22-6 (bv.14-25) 15-10 (25-43!) 27-22 (43-38!) 29-23 en na deze zelfblokkade van wit op de lange lijn kan zwart met 26 naar een tweede dam lopen. Zaak dus om dit er uit te halen. Wit brengt schijf 29 naar 20 (zodat in voorgaande variant een opgejaagde schijf op 20 niet de lange lijn hoeft te blokkeren, maar simpelweg naar 15 kan uitwijken) en gaat daarna zijn witte dam weer op veld 22 positioneren. In de partij Wijn-Voorspruy (verwisselde kleuren) kwam zwart op het onzalige idee om op dat moment op veld 19 plaats te nemen, zie diagram:

Vervolg: 22-6! (19-2) 15-10 en wit won met een tweede dam het eindspel.

En ja, als zwart al deze trucjes ontwijkt dan houdt het echt op. Maar na een lange vermoeiende dag dammen is de kans zeer zeker aanwezig dat een zwartspeler bezwijkt...